Het eerste wat we vanmorgen gedaan hebben, is een bezoek gebracht aan het kasteel van Berat. Het ligt op een heuvel boven de stad en de wandeling er naartoe is best pittig. Gelukkig waren we om 10 uur vanmorgen al onderweg en hebben we zo de grootste warmte ontlopen. Volgens de receptionist van het hotel zou de wandeling 10 minuten duren, maar we hadden al op voorhand door dat dit niet zou kunnen kloppen. Wij deden er een dik half uur over, stijgingspercentage ken ik niet, maar ’t is veel… Gelukkig de terugweg ging bergaf!
Het kasteel heeft een heel lange geschiedenis, beginnende van het Romeinse rijk en werd herhaaldelijk verwoest en heropgebouwd. Het is nu een ruïne en toeristische attractieplaats.
Binnen de kasteelmuren is er wel - ook vandaag nog - een volledig bewoond dorp. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat bij belegering van Berat, de volledige bevolking naar hier zou kunnen vluchten.
Tegen de middag waren we weer terug van ons kasteelbezoek en na een korte lunch en rustpauze was het tijd om de rest van de stad te bezoeken.
Berat wordt ook wel ‘De stad van de 1000 vensters’ genoemd, omdat alle huizen trapsgewijs aan dezelfde kant van de rivier staan, met de achterzijde naar de bergen en aan de voorzijde vensters. Blijkbaar klopt het getal 1000 niet meer want soms worden er huizen afgebroken of bijgebouwd, maar ’t zijn heel veel vensters in alle geval.
Het centrum van Berat staat op de lijst van UNESCO werelderfgoed. Tegenover ons hotel is een moskee met bijgebouwen uit de 15de eeuw,
er is de poort van de Pashas, een grote inkompoort naar het voormalige paleis van de Turkse (Ottomaanse) Pashas, er zijn resten van een Byzantijnse kathedraal enz… Vooral het aantal moskeeën valt hier op, overal zijn minaretten te zien, maar die tegenover het hotel is wel de mooiste. 56% van de bevolking van Berat is Islamitisch, 12% hebben een ander geloof en de rest is atheïstisch (wat veel voorkomt in Albanië blijkbaar)
De rest van de namiddag hebben we dan ook doorgebracht met eens rond te lopen in het stadje en alles gaan verkennen. Groot is het hier allemaal niet, maar er is wel een hele mooie boulevard met aan één kant een park en aan de andere kant allemaal café’s en terrasjes en daar het vandaag goed warm was, namen we regelmatig eens de tijd om een terrasje te doen.
Wat hier ook wel opvalt is het gepoch van het jong volk met hun wagens.
Ze rijden graag rond in Mercedes, of het nu tweedehands of nieuwe zijn, een Mercedes geeft hun precies de standing die ze nodig hebben.
Constant zijn er ’s avonds staatraces en hoor je wagens met veel lawaai optrekken en tegen hoge snelheid voorbij racen. Er is dan geen volk op straat en ze voelen zich precies heer en meester dan. Wel ook weer opvallend was, dat het gisteren avond om middernacht ineens afgelopen was en het muisstil was buiten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten