Toen we vanmorgen wakker werden en uit het raam van onze kamer keken, bleken we nieuwe buren te hebben. Een cruiseschip lag aangemeerd vlak voor ons hotel. Dat is ook weer eens iets anders.
Het ontbijt was vandaag (en omdat we hier nog 2 nachten zijn zal dit ook wel de 2 volgende ochtenden zo zijn) verrassend veel beter dan de afgelopen dagen. Geen buffet deze keer maar je kon kiezen wat je wou van ei met dingetjes erbij, er was kaas, hesp, feta, tomaat, komkommer, enz… en lekker vers fruitsap en lekkere koffie. Zo komen we al een stuk verder de dag door.
Het was ook wel nodig want we hadden een vol programma.
Onze eerste – en tevens ook verste – stop, lag op 22km van Sarandë. Syri i Skaltër of the Blue Eye. Het is een plaats waar water diep uit de aarde omhoog borrelt. Het water is zeer puur, zeer zuiver en zeer helder. Het heeft een blauw, groene kleur. Winter of zomer is het maximum 10° warm. Vroeger werd er wel eens in gezwommen maar dit is nu niet meer toegelaten, het water is te diep en te gevaarlijk, vooral door de lage temperatuur.
Voor we bij deze blue eye aankwamen moesten we echter wel een stevige wandeling doen. Er is een parking en een aanduiding welke richting je uit moet om naar de ‘bron’ te lopen, maar hoe ver het is staat nergens vermeld, de wandeling gaat berg op en berg af en er is nergens een rustpuntje of bankje voorzien. Als je dan eenmaal bent aangekomen is het zicht wondermooi, maar alweer nergens een plekje om uit te rusten enkel een souvenierswinkeltje. Er was bij de aankomst een gloednieuw sanitair blok gebouwd, spijtig genoeg was dit gesloten, ook aan het begin van de wandeling was er nergens sanitair voorzien. Wat dat betreft moeten ze toch nog enigstes leren hier in Albanië om toeristen tevreden te houden en geen rotzooi overal te creëren.
Onze volgende stop was Mesopotam. Hier bezochten we een Orthodoxe kloosterkerk uit de 11de eeuw. De kerk ligt buiten het dorp midden in de velden en het is niet zo evident dat men hier geraakt daar het totaal niet opvalt en men enkel een klein nietig wegwijzertje er naartoe eventueel ziet staan. We parkeerden langs de hoofdweg en wandelden dan ongeveer 500 meter door de velden en daar doemde dit pareltje op. Zeker blij dat we hier waren.
Delvina was een plaats die aangeraden werd om te bezoeken, dus reden we vervolgens daar naartoe, maar dit bleek niet zo speciaal te zijn, voor ons gevoel een gewoon, iets netter Albanees dorp, maar we zochten de specialere dingen en die kwamen we in een klein dorpje in the middle of nowhere tegen in de vorm van een super moderne moskee, die nog niet helemaal af was, maar echt wel speciaal uitzag.
Vervolgens reden we naar Finiq.
Hiervoor moesten we ook weer van de hoofdweg af, langs een zeer steile smalle straat de bergen in, daar is een Archeologisch Park.
Wij waren de enige bezoekers, de bewaker was waarschijnlijk in slaap gevallen want de stoel aan de ingang waar we normaal 300 Lek (€3) inkom moesten betalen, was leeg. Dan zo maar op pad.
In dit archeologisch park zijn zowel Romeinse als oud-Griekse en vroeg Christelijke resten te vinden. Het hele complex was nog in redelijk goede toestand tot aan het bewind van Hoxha, die alles liet afbreken en er een militaire basis van maakte. Nu zijn hier, zoals op vele plekken in het land verschillende bunkers tussen de ruïnes te zien.
Na onze tocht door het park en toen we al terug in onze wagen zaten, kwam er een mannetje uit het huisje bij de ingang….Hij was waarschijnlijk net wakker geworden.
Tijd om terug naar Sarandë te rijden, het begon al later te worden. Intussen was het beginnen regenen, dus een terrasje doen zat er niet in, maar gelukkig is er een gezellig café vlakbij ons hotel, dus daar maar ene gaan drinken. Wat doe je anders bij slecht weer…
Het cruiseschip was intussen ook vertrokken, dus we hebben weer vrij zicht op de baai en de haven van Sarandë
Geen opmerkingen:
Een reactie posten